• Triplesol

Voorbereiding op zonnepanelen

Bijgewerkt op: 3 jul.

Bij de voorbereiding op zonnepanelen zijn er verschillende zaken die je kunt bekijken om te bepalen welke kant je op wilt. Natuurlijk zal een kundige adviseur je de juiste kant op adviseren en slechte ideeën afraden. Wij begrijpen dat je graag zelf ook wilt begrijpen wat de beste opties zijn. Vandaar dit artikel.


Als bewoner van een pand, zal je misschien wel wat esthetische voorkeuren hebben. Dat soort informatie is voor een adviseur belangrijk vóór hij iets gaat bedenken. Er zijn natuurlijk ook minder goede adviseurs. In dit artikel maken wij je iets wijzer over slimme dingetjes waar je op kunt letten als je iets wordt aangeboden. Dit artikel kan je helpen met de beeldvorming over het advies van een installatiebedrijf.


Op deze pagina lees je over:


Wat er mogelijk is op jouw dak

Plat of schuin

Verschillende daktypes

Ruimte op je dak

Hoeveel zonnepanelen passen er op mijn platte dak?

Wat zijn de afmetingen van het montagemateriaal voor zonnepanelen op mijn platte dak?

Hoeveel zonnepanelen passen er op mijn schuine dak?

Zijn er veiligheidsmarges met zonnepanelen leggen op het dak?

Kunnen zonnepanelen mooi op het dak?

Elektro-technische voorbereiding zonnepanelen

1-fase of 3-fase

Bekabelingstrajecten

PV-verdeler

Verbruik van elektriciteit en zonnepanelen

Inlezen over de producten

Anderen betrekken

Het offertegesprek

Na het offertegesprek


Wat er mogelijk is op jouw dak

Tijdens de voorbereiding op zonnepanelen is de meest logische plek om met je denkproces te beginnen uiteraard de vraag wat mogelijk is op je dak. Je begint met het kijken waar de panelen mogelijk op geplaatst kunnen worden. Je maakt vervolgens een inschatting van het oppervlak..


HIER EEN MOOIE AFBEELDING PASSEND BIJ DIT ARTIKEL.


Plat of schuin

Je kunt op zowel platte als schuine daken zonnepanelen plaatsen. Platte daken hebben een iets lagere opbrengst dan schuine daken, over het algemeen. Ze hebben wel weer het voordeel dat de panelen allemaal op het zuiden kunnen worden georiënteerd. Zelfs als je de panelen op het noorden zou leggen, zouden ze vrijwel nog altijd in de zon liggen.


Dit komt door de lage hellingshoek van een platdakconstructie. Deze is niet meer dan 15°. Schuine daken staan vrijwel altijd onder een hoek van 45°. Als de panelen op een schuin dak op het zuiden staan, leveren ze meer op. Staan ze op het oosten of westen, dan is het opbrengstverschil ongeveer 15% in het voordeel van platte daken. Als de panelen op het noorden staan, is het verschil ongeveer 30%.


Op platte daken moet je er ook rekening mee houden dat de installatie meer kost. De onderconstructie is relatief een stuk duurder dan voor een schuin dak. Bovendien heb je met schuine daken minder oppervlakte nodig om hetzelfde aantal panelen te plaatsen. Dat heeft te maken met de tussenafstand die in acht moet worden genomen bij zuid opstellingen op een plat dak.


Overigens is het niet nodig om bij een oost-west opstelling op een plat dak een tussenafstand tussen de rijen te behouden. Voor kleine daken waar het absolute maximum uit gehaald moet worden, is oost-west een verschrikkelijk populaire oplossing. De opbrengstverschillen met een zuid opstelling zijn maximaal 10%. Het is dus zeker de moeite waard, als je daardoor 20% meer oppervlakte aan panelen vrijspeelt.


Verschillende daktypes

In je voorbereiding op zonnepanelen kun je vast met een cruciale vraag komen te zitten. Zeker als er nog geen buren zijn die zonnepanelen hebben. Is er montagemateriaal beschikbaar voor mijn dak soort?


Bijna alle platte daken in Nederland zijn van bitumen. Een klein aandeel is bedekt met EPDM. EPDM is duurder en daarom wordt het minder vaak gebruikt. Zowel bitumen als EPDM zijn perfect geschikt om een constructie voor zonnepanelen te dragen. Het maakt echter niet zoveel uit wat voor dakbedekking er is bij een plat dak.


De meeste schuine daken in Nederland zijn bedekt met dakpannen. Er zijn allerlei soorten dakpannen. Het is daarom belangrijk dat de juiste haken worden gekozen voor het dak van jouw woning. In de voorbereiding op zonnepanelen hoef je daar niet erg op te letten. Een goede adviseur ziet wat er nodig is en bestelt iets extra bij twijfel om te voorkomen dat de installateur terug moet komen.


Er zijn natuurlijk nog heel veel andere soorten schuine daken. Stalen, leien, geïsoleerd bitumen, ongeïsoleerd bitumen, golfplaten, pvc, Calzip, beton: wij hebben overal wel ervaring mee. Er is altijd wel iets te bedenken en we kunnen ook goed improviseren, mocht dat echt nodig zijn.

Afbeelding: Calzip dak met zonnepanelen


De beperkingen van bypass-diodes

Althans, dat is de theorie. De vraag is natuurlijk in hoeverre dit in de praktijk werkt. Bypass-diodes zijn namelijk niet “slim”. Ze werken puur elektromechanisch en zijn niet computer gestuurd. Of bypass diodes echt uitgaan bij schaduw – waarbij er nog licht valt op het paneel, maar er wel weerstand in ontstaat – zou in experimenten moeten worden vastgesteld. Het zou namelijk betekenen dat een installatie waarbij alles in de zon ligt behalve 1 à 2 panelen, ook alleen voor het aandeel van de die 1 à 2 panelen perfect zou moeten werken, terwijl wij weten dat dit niet zo is bij een string-omvormer systeem.


Ruimte op je dak

Het inschatten van de beschikbare ruimte op je dak is niet altijd even makkelijk. Zowel schuine daken als platte daken zijn vaak niet zonder ladder betreedbaar. Het is ook niet veilig om zomaar op een dak te klimmen zonder goede uitrusting. We adviseren dit ook zelf niet te doen. Zelfs onze adviseur klimt niet zomaar op een dak. Toch is het wel mogelijk om een inschatting te maken.


Hoeveel zonnepanelen passen er op mijn dak?

Platte daken kun je redelijk goed van binnenuit opmeten met een rolmaat of een laser afstandsmeter. Van binnenuit is vaak wel te beredeneren met wat voor obstakels je te maken hebt. Te denken valt aan daklichten, schoorstenen, ventilatie of doorvoeren. Over sommige obstakels kun je makkelijk panelen heen leggen, maar zeker niet allemaal.


Wat zijn de afmetingen van het montagemateriaal op mijn platte dak?

Het is handig om rekening te houden met de afmetingen van het montagemateriaal. Er is ook een afstand tussen de panelen nodig bij een zuid-opstelling. Zo wordt voorkomen dat de panelen in elkaars schaduw komen te liggen. Bij oost-west heb je dit probleem nauwelijks.


Als je uitgaat van een paneelafmeting van 120*180, moet je bij een zuid opstelling wel uitkomen. Tussen de rijen is 15 cm zo’n beetje de kleinste afmeting. Als het dakoppervlak niet lekker uitkomt, kun je de panelen ook portrait neerzetten. Dan is het oppervlak van een paneel ongeveer 105*165, met een tussenafstand van 50 cm.


Leg je de panelen oost-west, dan moet je uitgaan van ongeveer 180*110. Je kunt ook onderbroken duaal leggen. Dan kom je op 180*120.


Afbeelding: Een oost-west opstelling


Hoeveel zonnepanelen passen er op mijn schuine dak?

Zeker als er pannen liggen op je schuine dak, kun je een goede inschatting maken tijdens de voorbereiding op zonnepanelen van hoeveel panelen er moeten passen. Je kunt namelijk een pan opmeten en deze tellen. Wij tellen in de breedte altijd van heuveltje tot heuveltje. De hoogt tellen we van onderkant pan tot begin onderkant opvolgende pan. We noemen dit de werkmaat. Een gemiddelde pan is van heuveltje tot heuveltje 15 cm. De hoogte is meestal 32,5 cm. Anders dan bij een plat dak, leg je de panelen gewoon tegen elkaar aan. De extra ruimte voor het montagemateriaal, is verwaarloosbaar.


Zijn er veiligheidsmarges met zonnepanelen leggen op het dak?

Het officiële antwoord is: Ja. Montagemateriaal fabrikanten testen het montagemateriaal dat ze leveren in windtunnels. Het is een bekend gegeven dat hoe dichter zonnepanelen bij de rand staan, hoe minder wind er nodig is om ze van hun plek te krijgen.


Wij werken op platte daken met wind deflectoren aan alle kanten van de zonnepanelen. Het legplan wordt daardoor een gesloten systeem waar de wind nauwelijks grip op krijgt. Zelfs met extreem weer komt zo’n systeem niet van z’n plek.


Op schuine daken liggen de panelen erg dicht op de pannen. Daar komt nauwelijks wind onder. Op schuine daken blijven de panelen ook bij extreem weer altijd liggen. Zonnepanelen liggen overwegend op het zuiden. De meeste stormen in Nederland hebben wind uit het Zuidwesten. Hierdoor worden systemen meestal juist op het dak gedrukt in plaats van los getrokken.


Of je helemaal tot de randen of de nok legt, moet je je gezonde verstand voor gebruiken. In een woonwijk, beschut tussen de andere huizen, kun je dit soms best doen. Woon je aan zee of vrijstaand in de polder, is het misschien een minder goed idee.


Bij de voorbereiding op zonnepanelen zijn dit zaken waar de adviseur naar kijkt. De garantie op het installatiewerk is 10 jaar. Het is daarom in ons voordeel goed advies te geven, anders lopen we een enorm risico dat we een probleem kosteloos moeten oplossen.


Kunnen zonnepanelen mooi op het dak?

Wat mooi is bij zonnepanelen is vooral een subjectieve beleving. Sommige mensen interesseren zich helemaal niet voor hoe hun dak eruitziet. Bij hen maakt het legplan dus niet uit. Anderen hebben een heel specifiek beeld van hoe het legplan moet zijn.


Op platte daken kun je over het algemeen panelen niet zien. De panelen worden onder een hele lage hellingshoek gelegd; niet meer dan 15°. Zeker als het dak meer dan een verdieping is, zie je hier dus niets van. Toch zijn er situaties denkbaar waarin een zonnepaneelsysteem op een plat dak mooi moet zijn. Je kunt dan bijvoorbeeld kiezen voor een zwarte onderconstructie en zwarte panelen (foto ron)


Op een schuin dak wordt het over het algemeen niet mooi gevonden als panelen om een object heen worden gelegd en zowel portrait als landscape in een legplan voorkomen. Gekke verspringen tussen rijen zijn vaak ook niet erg populair. Doorgaans wordt op schuine daken gekozen voor zwarte panelen. Niet altijd, echter. Volledig zwarte panelen leveren vaak iets minder op. Het is voor klanten vaak een afweging tussen opbrengst van een installatie en of het ook nog een beetje smoelt. (foto lelijk legplan).


Elektrotechnische voorbereiding zonnepanelen

Het allereerste waar wij naar kijken als we een schouw doen, is de groepenkast. We kijken naar de aansluiting: is het een 1-fase of een 3-fase? Is de groepenkast klaar voor zonnepanelen? We kijken naar een geschikt bekabelingstraject en eventuele handige routes die we kunnen nemen de elektra netjes terug te leiden. Door er zelf al een beetje over na te denken, kun je ons mogelijk helpen tot een betere aanbieding te komen.


1-fase of 3-fase

Het is vrij makkelijk te zien wat voor aansluiting je hebt. (foto 1-fase en foto 3-fase). Bij een 1-fase staat en bij een 3-fase staat. Bij de voorbereiding op zonnepanelen is dit belangrijke informatie. Het vertelt je twee dingen: 1) hoeveel panelen er maximaal aangesloten kunnen worden; 2) wat voor omvormer je moet nemen.


Het is prima mogelijk op een 3-fase systeem een 1-fase omvormer aan te sluiten. Sterker nog, dit heeft een lichte voorkeur. 1-fase omvormers zijn goedkoper en efficiënter dan 3-fase omvormers. Het maakt niet uit dat je op maar 1-fase teruglevert. De meter kan alleen per saldo zien wat er in- en uitgaat, en meet niet per fase. Een 3-fase omvormer bij een 1-fase aansluiting kan niet.


1-fase installaties hebben een maximum van ongeveer 28 panelen. Het is wel belangrijk dat de hoofdaansluiting die je hebt de juiste is. De regel is dat je altijd twee stappen onder je hoofdaansluiting blijft. Met andere woorden: als je hoofdaansluiting 25 A is, mag je maximaal 16 A afzekeren. Als je hoofdaansluiting 40 A is, kun je wel 32 A afzekeren.


Natuurlijk kun je ervoor kiezen om je hoofdaansluiting te verzwaren, om zo meer panelen te kunnen plaatsen. Dat is een kwestie van contact opnemen met je netbeheerder en hem vragen de aanpassing te verrichten. Sommige aanpassingen zijn gratis. De meest voorkomende aanpassing is van 1-fase naar 3-fase. Deze kost in de basis ongeveer € 325,-.


Als je niet weet wat voor aansluiting je hebt, kun je gewoon je netbeheerder opbellen en dit vragen. Als we het echt moeten weten, geven we dit ook aan.


Bekabelingstrajecten

Bij het bezoeken van een projectlocatie kijken we altijd naar het bekabelingstraject. Hoe komen we van A naar B? Daarvoor hebben we uw hulp nodig. U kent uw woning immers beter dan wij, in veel gevallen.


Zonnepanelen maken gebruik van twee soorten bekabeling (foto): gelijkstroom tussen de panelen en de omvormer, wisselstroom tussen de omvormer en de groepenkast. Het doel is de bekabeling altijd zo netjes mogelijk weg te werken. Het is helaas niet altijd mogelijk dit te doen. Wat bijna altijd wel kan is de bekabeling buitenlangs en via de kruipruimte te laten verlopen.


Wij komen wel eens op plekken waar er al een voorbereiding voor zonnepanelen is gemaakt. Te denken valt aan kant en klare kabels, dak doorvoeren en mantelbuizen. Geweldig! Dat scheelt ons werk en jou kosten. Het is wel belangrijk dat de voorbereidingen wel goed zijn getroffen.


We komen wel eens bij mensen die bijvoorbeeld een wisselstroom kabel helemaal naar het dak hebben getrokken vanuit de meterkast. Dat is handig, maar alleen als de wens is om micro-omvormers te plaatsen. Anders moet er toch een andere oplossing komen waarbij gelijkstroom kabel wordt geleid naar een plek van de omvormer en vanaf daar naar de meterkast.


Koven in woningen zijn we als de dood voor. Niemand kan zien wat er precies in zit en het kan zomaar dat hij helemaal niet uitkomt waar je denkt dat hij moet komen. Op dag van installatie leidt dit dikwijls tot vertragingen.


Dikte van bekabeling is voor ons als installateurs een leuk onderwerp om over na te denken. We kijken naar het vermogen dat door een kabel heen mag en welke kabel gebruikt moet worden. Bijna alles wordt opgelost met standaard 2,5 mm2 kabel, wat standaard is in woningen in Nederland. Gaan we boven de 14-16 panelen per fase, komt 4 mm2 per fase in beeld. 6 mm2 of 10 mm2 zie je eigenlijk alleen bij hele grote projecten of hele lange bekabelingstrajecten. Hoe langer de afstand, hoe groter de kans op verliezen. Hoe dikker de kabel, hoe kleiner het risico op verlies. Die zaken moeten elkaar in balans houden.


De verliezen op gelijkstroom bekabeling zijn kleiner dan op wisselstroom bekabeling. We proberen de relatieve afstand van wisselstroom bekabeling ten overstaan van gelijkstroom zo kort mogelijk te houden. Gelijkstroom kabel is ook goedkoper dan wisselstroom kabel.


Het komt wel eens voor dat mensen op hun schuur zonnepanelen willen en dat deze enige afstand is tot de woning. Over het algemeen wordt er dan gevraagd hoe dik de wisselstroom bekabeling moet zijn van de groepenkast naar de schuur waar dan de omvormer is bedacht. Het is juist een veel mooiere oplossing de omvormer niet in de schuur op te hangen, maar in de woning en dus gebruik te maken van een gelijkstroom bekabeling traject en niet een wisselstroom kabel.


Gelukkig hebben wij de ervaring in onze gelederen om goede afspraken te maken over verschillende scenario’s van bekabelingstrajecten. We bespreken de mogelijkheden en bepalen een rangorde van gewenste volgorde.


PV-verdeler

We kijken ook in de groepenkast naar een overzichtje van de groepen, als deze aanwezig is. Waar wij naar opzoek zijn, is een groep die onvertakt ergens heen gaat: een schone groep. Een goed voorbeeld hiervan is een wasmachine groep. Doordat een wasmachine veel vermogen trekt, wordt vanaf de jaren 70 hier een aparte groep voor aangelegd in de groepenkast. Het mooie hiervan, is dat wij die groep dan kunnen gebruiken voor het terug leveren van de zonne-energie middels een pv-verdeler (foto pv-verdeler).


Een pv-verdeler is eigenlijk niets anders dan een mini-groepenkast. Je kunt eigenlijk zoveel mini-groepenkasten in je huis maken als je wilt. Je moet letten op de belasting van de kabel voor de groepenkast, de belasting van de aardlekschakelaar, de totale belasting van de groepenkast en van de aansluiting. Hier hoef je als klant niet al te veel over na te denken; dat mag je wel over laten aan een adviseur. In 99% van de 100 gevallen kun je zonder aanpassingen een schone groep splitsen.


Het voordeel van een pv-verdeler is groot. Het bespaart de installateur een lang bekabelingstraject en is toch compleet veilig. De veiligheid hiervan wordt wel eens in twijfel getrokken, maar is wel degelijk goedgekeurd door NEN1010, een kennisinstituut dat richtlijnen schrijft voor veilig elektrotechnisch installeren. Filmpje minuut 8.


Verbruik van de elektriciteit en zonnepanelen

Een van de belangrijkste vragen die een goede adviseur zal stellen, is wat het verbruik is van de woning. In de regel plaats je nooit meer zonnepanelen dan nodig is om het verbruik van de woning af te dekken. Een gemiddeld huishouden verbruikt ongeveer 3500 kWh per jaar.


Het verbruik van de woning is op verschillende manieren te achterhalen. Het makkelijkst in veel gevallen is om je elektriciteitsmaatschappij even op te bellen en te vragen hoeveel het verbruik is. Telefoonnummers van elektriciteitsmaatschappijen zijn gewoon via Google te vinden en over het geval gemeen word je redelijk snel te woord gestaan.


Uiteraard kun je het verbruik ook op schrift vinden. Het mooiste is een jaarafschrift. Een maandelijks afschrift kun je ook wel wijzer uit worden. Elektraverbruik stijgt licht in de winter. Als je het maand verbruik keer 12 doet, dan weet je wel wat je gaat verbruiken op jaarbasis. Sommige elektriciteitsmaatschappijen hebben ook een app waarop het verbruik valt uit te lezen.


Als je in een nieuwe woning bent ingetrokken is het moeilijk in te schatten wat je op jaarbasis gaat verbruiken. Dit kun je inschatten aan de hand van bijvoorbeeld het verbruik van de vorige eigenaren. Er zijn bepaalde aanpassingen die je doet die zorgen voor een hogere opbrengst.


Elektrisch koken kan een belangrijke oorzaak zijn van een hoger verbruik. Wij rekenen zeker 500 kWh erbij als iemand van plan is elektrisch te gaan koken. Elektrische voertuigen zit veel verschil tussen. We komen hybride auto’s tegen die zo nu en dan aan de stekker moeten. Deze auto’s komen niet boven de 1500 kWh per jaar. We komen ook Tesla’s tegen die 6000 kWh per jaar trekken – en alles wat er tussenin zit. Warmtepompen heb je heel zuinig, maar ook van 3500 kWh per jaar. Als je van plan bent jacuzzi’s en airco’s aan te schaffen, reken dan op een grote stijging in het verbruik.


Inlezen over de producten

Bij de voorbereiding op zonnepanelen, is het inlezen over de producten niet altijd aan te bevelen. Het is voor iemand die zich niet dagelijks bezighoudt met het onderwerp, heel moeilijk om een schifting te maken tussen hoofdzaak en bijzaak. Zelfs zeer intelligente mensen die regelmatig zich verdiepen in technologie, komen daar vaak niet uit.


Wat wij heel vaak zien is dat men vaak de klok wel hoort luiden, maar niet weet waar de klepel hangt. We worden dan zeer complexe vragen gesteld over zeer specialistische termen. We weten ons wel raad met dat soort vragen, maar voor een gebruiker van zonne-energie is het simpelweg niet relevant of verwaarloosbaar relevant.


Het is veel belangrijker om je te focussen op het grote plaatje bij de voorbereiding op zonnepanelen. Vaak zijn de panelen in dat verhaal minder belangrijk dan de rest van de installatie. Wat in veel gevallen nog veel belangrijker is, wordt vaak minder aandacht aan besteed. Dit is namelijk het soort omvormer dat wordt toegepast. Dit is niet het artikel waarin we ingaan op dit onderwerp. We noemen het louter omdat het nuttig kan zijn in de voorbereiding op zonnepanelen.


Een belangrijke factor voor de productie van zonnepanelen is de aanwezigheid van schaduw op het systeem. Bij het dimensioneren van een omvormer keuze moet hier goed op gelet worden. Het kan zeer nuttige informatie zijn voor een adviseur om te weten hoe schaduw zich beweegt over het dak. Dit is iets dat slim is om in de gaten te houden. Het is zo simpel als af en toe naar het dak kijken op verschillende momenten van de dag. In de winter is de zon natuurlijk lager dan in de zomer. Het is ook goed daar rekening mee te houden.


Montagemateriaal, misschien het minst sexy onderwerp bij de voorbereiding op zonnepanelen, is voor sommige huizen toch wel cruciaal van onderwerp. Er zijn genoeg afwijkende dakbedekkingen waar simpelweg geen oplossing voor is. Te denken valt aan bijvoorbeeld rieten daken of hele smalle leien daken.


Als je een dak hebt met een sterk afwijkend dakbedekking is het denk ik belangrijk niet uitvindertje te gaan spelen. Natuurlijk is veel mogelijk, maar bedenk wel dat als er montagemateriaal geïmproviseerd wordt, er geen garantie meer op bestaat. Het is dus belangrijk om zeker te zijn van je zaak of te praten met een bedrijf met veel ervaring. De meeste installateurs zullen namelijk zeer terughoudend zijn met het plaatsen van een geïmproviseerd bevestigingssysteem (foto geïmproviseerd systeem gevel en pergola).


We krijgen wel eens vaker de vraag over integratie van zonnepanelen in het dak of zonnecel dakpannen. Misschien is dit een mogelijkheid, maar niet bij ons. Zover wij weten was er maar één bedrijf die zonnecel dakpannen leverde en dat was ZEP bv uit Urk. Het bedrijf is helaas nu failliet.


In dak geïntegreerde zonnepanelen zie je wel veel bij nieuwbouw, maar bij bestaande woningen zelden. Het is relatief duur om te plaatsen en er gelden andere regels m.b.t. de btw terugvragen. Er zijn ook veel branden geweest met indaksystemen en hierdoor zijn veel installateurs ermee gestopt dit aan te bieden.


Anderen betrekken

Bij de voorbereiding op zonnepanelen is het de normaalste zaak van de wereld om de buren te polsen of er ook belangstelling is. We zijn niet anders gewend! En als je de neuzen dezelfde kant op kunt krijgen, kun je van ons een beloning verwachten.


De korting voor buren is niet per definitie alleen voor buren. Je kunt ook een kennis, vriend of familielid aandragen. De regel is wel dat het akkoord gelijktijdig moet binnenkomen. Kortingen met terugwerkende kracht (zeker al na facturering) doen we in de regel niet aan, tenzij het van tevoren zo is afgesproken. De meest voorkomende vorm van een collectieve aankoop bij ons, is die van slechts twee buren.


Wij hebben veel prachtige projecten gedaan met grotere groepen buren. Het waren zulke mooie projecten dat de omvormer fabrikant voor marketing doeleinde foto’s ervan wilde maken. We zijn hier ongelofelijk trots op. Maar ook als het twee buren zijn, vinden we dat al leuk.


Het gaat wel eens mis. Meestal is dit omdat de buren er nog niet aan toe zijn. Veel te vaak hebben we meegemaakt dat het toch een vorm van trekken aan een dood paard wordt. Het kan wel eens zo demotiverend werken dat we mensen die aanvankelijk erg geïnteresseerd waren af zagen haken omdat ze de buren niet mee konden krijgen.


Ons advies is om vooral goed voor jezelf na te blijven denken. Het is leuk om een project gezamenlijk aan te gaan, maar als de buurman de zaak frustreert, dan is het tijd om alleen verder te gaan. De korting die bespaard wordt, heb je meestal in een maand of twee al terugverdient. Dikke kans dat als de buurman ziet hoe het systeem glimt op je dak, ze zelf ook weer belangstelling krijgen. Voor de buren korting is het dan wel, helaas, te laat.


Het offertegesprek

Onze adviseur bezoekt ongeveer vijf locaties per dag. Hij komt met de auto en hij neemt alles wat hij nodig heeft voor het maken van een aanbieding zelf mee. De aanvangstijd staat in de afspraakbevestiging die je per mail van ons ontvangt, net als de locatie van de afspraak.


Het bezoek van de adviseur staat in de regel een uur voor. Gesprekken kunnen een stuk korter zijn of een stuk langer afhankelijk van de situatie en het aantal vragen die gesteld worden.


Als er specifieke instructies zijn voor de bereikbaarheid van het pand is het handig deze tijdens het maken van de afspraak door te geven. Het is sowieso handig om je telefoon in de gaten te houden op de dag van de afspraak. Vaak belt onze adviseur op voordat hij in de auto stapt. Afspraken worden helaas wel eens vergeten door klanten. Zo voorkomt de adviseur dat hij voor niets ergens heen rijdt.


Een offertegesprek bestaat altijd uit twee fases: 1) de technische schouw; 2) de uitleg over onze producten en diensten.


Het is handig bij een bezoek dat de adviseur toegang heeft tot ruimtes in de woning. Te denken valt bijvoorbeeld aan de zolderetage of ergens waar hij een dakpan op kan meten. Het liefst kijkt hij ook graag in een meterkast. We zijn meestal opzoek naar een ruimte waar een omvormer opgehangen kan worden. Over het algemeen is dit binnen. Als je een goede plek in gedachte hebt kun je hier samen met de installateur naar kijken.


Op het dak klimmen doet de adviseur over het algemeen niet. Er zijn hier verschillende bezwaren tegen waaronder die van veiligheid. Het is een inschatting die de adviseur zelf maakt. Zelf heeft hij een kort laddertje bij zich om kleine afstanden te overbruggen van iets meer dan een normale verdieping. Dankzij satelliet tekenprogramma’s kunnen we toch een goed idee krijgen wat er op een dak past.


Onze installateur vult meestal een checklist in waarin de technische gegevens worden opgenomen voor een toegespitste aanbieding. Het is niet meer nodig dat er nog een tweede bezoek wordt verricht van een zogenaamde “technische man”.


Na de technische schouw ga je meestal met de installateur aan tafel zitten om te bespreken wat de beste opties zijn. De adviseur maakt tegelijkertijd een ontwerp in ons design programma. Vervolgens bespreekt hij de producten die hij in jouw geval wilt aanbieden. Hij vertelt hoeveel tijd een installatie kost en wanneer je de installatie ongeveer kunt verwachten. Uiteraard is er ruime gelegenheid om vragen te stellen.


Er zijn altijd verassingen waar je voor kunt komen te staan, maar door onze ervaring als adviseurs weten we meestal wel van tevoren welke uitdagingen op de loer liggen. We kunnen deze tijdens het gesprek benoemen. We kunnen verschillende scenario’s afspreken. Dit heeft met name betrekking op legplannen en bekabelingstrajecten.


Na het offertegesprek

De voorbereiding op zonnepanelen eindigt wel een beetje met een offerte. De offerte is namelijk in zichzelf een vaststelling dat het mogelijk is. Met andere woorden, de nieuwe fase wordt gekenmerkt door het vergelijken van oplossingen, producten en prijzen. Er kunnen wat technische voorbereidingen zijn die getroffen moeten worden, maar dat is niet het onderwerp van dit artikel en verschilt heel erg van project tot project.


De offerte komt meestal binnen 5 werkdagen - afhankelijk van de complexiteit en de werkdruk bij Triplesol. We bellen altijd na om te kijken of de offerte duidelijk is en of er nog vragen over zijn. Hierna houden we contact om te kijken of we je verder kunnen assisteren. Het kan voorkomen dat je liever de offerte laat aanpassen op basis van nieuwe inzichten. Dit is natuurlijk zondermeer mogelijk.


Komen we tot een akkoord, dan plannen we de opdracht z.s.m. voor je in. Ook hier zijn termijnen erg afhankelijk van de situatie. In de wintermaanden is de wachttijd een stuk korter dan in het voorjaar. Zeker in dat opzicht zou je kunnen stellen dat het een ideaal moment is om dan zonnepanelen te plaatsen. Wel is er regelmatig uitstel in de winter door slecht weer. Zonnepaneelinstallateurs doen ook minder werk door kortere dagen.


Na het offertegesprek

Zoals hierboven te lezen is het dus mogelijk een uitstekende voorbereiding op zonnepanelen te maken. Het idee is niet dat je op basis van dit artikel een rigide stappenplan maakt voor jezelf waar je jezelf aan moet houden. Het is puur bedoelt om je een idee te geven waarnaar gekeken moet worden. Nogmaals: je kunt het gerust aan de adviseur en zelfs in een later de installateur over laten dat je een uitstekend werkend systeem op je dak krijgt.

6 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven