Korte chronologie over de salderingswetgeving en Den Haag

Kamp

De verkiezingen komen eraan, en dus is het tijd om kort even een belangrijk thema aan te halen waar de komende Tweede Kamer formatie zich over moet gaan buigen. Het betreft de veelbesproken salderingswetgeving en het rommelt al een poosje in de discussie hierover. De salderingswetgeving wordt door velen als noodzakelijk geacht om de zonne-energie industrie in Nederland gaande te houden. Er staat veel op het spel; niet op z’n minst de geloofwaardigheid van de Nederlandse staat in het scheppen van een betrouwbaar investeringsklimaat.

Het begon allemaal met de aankondiging van Minister Kamp in 2015 dat salderen waarschijnlijk werd vervangen door een ander systeem met in de tussentijd een gedegen overgangsregeling. In 2017 zou duidelijk worden hoe zo’n systeem eruit moest komen te zien. In september 2016 kwam stichting Z.O.N. – Z.O.N staat voor Zonnestroom Ondernemers Nederland – met het rapport ‘Zon voor iedereen’. Die landde goed in Den Haag. De vaste commissie voor Economische Zaken vroeg minister Kamp op het rapport te reageren en dat deed de minister in een brief van 14 november. In de brief loofde hij het meedenken van Z.O.N., maar stelde wel de evaluatie van de salderingswetgeving die in oktober was gestart, nog te willen afwachten.

Er is in de huidige Tweede kamer voldoende draagvlak om de salderingswetgeving te behouden. Dit bleek uit een motie die werd aangenomen voor het Kerstreces, die pleitte voor het behoud en verbeteren van de salderingswetgeving voor de duur van het Energie Akkoord; dat is tot 2023. Van rechts tot links konden partijen zich in de motie vinden, met als uitzondering de PVV. Centraal stond de investeringszekerheid waar het nu aan schort: kun je de zonnepaneelinstallatie nog wel terugverdienen als de wetgeving wordt aangepast? De motie moet worden gezien als mijlpaal in de discussie over de salderingwetgeving. Het staat nu immers vast dat de burger is doorgedrongen tot de politiek en dat deze zich realiseert dat de wetgeving te belangrijk is om te laten varen.

Het evaluatierapport van Economische Zaken bereikte 3 januari 2017 de Tweede Kamer. Het stelde dat salderen nog nodig zal zijn om de ontwikkeling van de PV-sector te stimuleren, zowel in afname als in werkgelegenheid. Daarnaast bevond het rapport dat salderen maar een kleine € 80 miljoen per jaar kostte en dat dit in het niet veel tegen de vele voordelen dat het met zich meebracht.  Echter, het rapport stelde wel dat saldering de prikkel voor kleinverbruikers ontneemt om het eigen verbruik te optimaliseren en daarmee het elektriciteitsnet te ontlasten. Als gevolg verlegde Kamp ook het aandachtspunt: niet salderen, maar energie-opslag moet een centrale rol gaan spelen in de energie-transitie.

Het probleem met batterijen is dat ze duur zijn en een beperkte levensloop hebben. Een nieuwe batterij voor gematigd thuisgebruik kost zo’n € 4000,-. De aanschaf heeft dus een wezenlijke impact op de terugverdientijd van een zonnepaneelsysteem. Bovendien produceren zonnepanelen op zomerdagen veel meer dan ‘s avonds wordt verbruikt, en ’s winters veel te weinig. Hoe opslag dus in de praktijk positief zal uitpakken voor de consument, is dus erg onduidelijk. Een aanpassing van de saldeingswetgeving dat ingericht is op energie-opslag, zal dus parallel moeten worden ingezet aan de prijsdaling in batterijen om de terugverdientijd niet te beïnvloeden.

Er is goede wil bij Kamp om “(…) de ondersteuning van investeringen in lokale hernieuwbare energieproductie nu en in de toekomst voort te zetten zolang deze zonder steun onrendabel is”, maar het is nog maar de vraag of de VVD in het kabinet komt. Een nieuw kabinet moet een oplossing gaan ontwerpen dat spanning op de lijn behoudt tussen innovatie om het elektriciteitsnet te ontzien en PV toepassing in Nederland niet ontmoedigd. Dat zal een behoorlijke uitdaging worden, niet alleen omdat het onderwerp onder grote belangstelling staat van de burger, maar ook omdat concrete resultaten geboekt moeten blijven worden om ons te houden aan de energiedoelstellingen waar het land zich internationaal en nationaal aan gecommitteerd heeft.

 

Rapport Wereldbank roemt duurzaam energiebeleid ontwikkelingslanden

world-bank-logo

Er mag dan een wanstaltig figuur zetel houden in het Witte Huis, de Wereldbank heeft deze week een rapport gepubliceerd waaruit blijkt dat ontwikkelingslanden de transitie naar duurzaam niet perse laten afhangen van Westers leiderschap.

Het duurzaam energiebeleid van 111 landen werd door de Wereldbank onder de loep genomen. Hiervoor werd een speciale scorecard gebruikt, de RISE (Regulatorische Indicatoren voor Duurzame Energie). Het rapport bevond dat de toegang tot energie, energie-efficiëntie en hernieuwbare energie beleid van de 111 landen het meest tot uitdrukking kwam in ontwikkelingslanden. Mexico, China, Turkije, India, Vietnam, Brazilië en Zuid-Afrika werden uitgelicht voor lof in het rapport.

Wat duidelijk is, is dat er tussen ontwikkelingslanden grote verschillen bestaan. Landen in sub-Sahara Afrika bijvoorbeeld, lopen behoorlijk achter op ontwikkelingslanden in het Verre Oosten.  In deze Afrikaanse regio leven 600 miljoen mensen nog steeds zonder elektriciteit. Uit de RISE analyse bleek dat de regio daarmee het minst geëlektrificeerde werelddeel blijft. 40% van de landen in sub-Sahara Afrika hebben “nauwelijks” actie genomen tot de invoering van beleidsmaatregelen die nodig zijn om toegang tot energie te versnellen. Kenia, Tanzania en Oeganda zijn uitzonderingen daarin, zegt de Wereldbank, maar in vergelijking met Azië – waar slechts 10% van de landen een duidelijk kader ontbeert – is ook hier nog veel werk aan de winkel. Solarenergie opslag werd in het rapport aangehaald als een grote kans voor ontwikkelingslanden om elektriciteit te bieden aan inwoners die buiten het bereik van nutsbedrijven wonen. Echter het RISE verslag stelt vast dat een groot deel van de landen geen regelgeving hebben die “gunstig is om de verspreiding van zonne-energie te versnellen in thuis-systemen”. De uitdaging, zegt RISE, is niet langer een zaak van hoe je duurzame energie centrales moet bouwen, maar om toegang tot grote schaal betaalbare technologie zeker te stellen.

Van de top 10 “high impact” landen voor hernieuwbare energie en energie-efficiëntie, (dat wil zeggen degenen waarin de meeste capaciteit van schone energie is geïnstalleerd) is er een duidelijke correlatie met een relatief robuuste beleidskaders zichtbaar. Echter, uit RISE bleek dat van de top 10 high impact landen degenen die het meest zouden moeten profiteren van meer hernieuwbare energie, dat grotendeels nog niet doen. Er is nog veel vooruitgang nodig op het gebied van sterke ondersteuning op beleidsvlak.

Samenvattend constateerde een van de auteurs: “De wereld is in een race om een ​​schone energietransitie veilig te stellen verwikkeld – een die energiediensten zal leveren voor iedereen, banen zal creëren, zorgen voor gezondheidszorg en onderwijs, en de economie zal laten groeien. “Toenemend gebruik van hernieuwbare energie is een belangrijk element in die overgang” en “Smart beleid kan deze overgang versnellen” constateerde het rapport tot slot, tot waarschijnlijk niemands verbazing.

 

 

Van het oostelijk front geen nieuws

European_Commission.svg

Op 5 december 2013 legde de Europese Unie anti-dumping en anti-subsidiemaatregelen op voor de invoer van zonnecellen en zonnepanelen uit China voor een periode van twee jaar. In de lopende herzieningsonderzoeken, die op 5 december 2015 werden gestart, wordt onderzocht hoe en of de maatregelen van kracht blijven. Deze beoordelingen zouden eind 2016 moeten zijn afgerond, maar de discussie is nog in volle gang.

Op 3 maart 2017 wordt de zaak door de Europese Commissie behandeld en volgt een definitief besluit. Dat er een verlenging gaat komen van de importheffing is duidelijk, alleen hebben stemmen in de sector zich gekant tegen de lengte daarvan: 24 maanden – de periode waar de Commissie voor zou willen kiezen volgens uitgelekte bronnen. 18 maanden lijkt nu aannemelijker. Waarschijnlijk wordt daarna de heffing uitgefaseerd. De minimumimportprijs voor zonnepanelen ligt nog op € 0,56 p/Wp. Hierdoor is alleen de top van de Chinese producenten op de Europese markt aanwezig. Ondertussen lopen de anti-dumpingheffingen op tot 64,9%.

Vanaf 2016 legt de Europese Commissie ook heffingen op om de invoer van gedumpte en gesubsidieerde Chinese zonnepaneelcomponenten via Taiwan en Maleisië te voorkomen. Een onderzoek van de Commissie concludeerde namelijk dat de maatregelen tegen zonnepanelen en cellen van Chinese oorsprong werden vermeden door middel van overlading via Taiwan en Maleisië. De nieuwe heffingen zijn niet van toepassing op producten die echt in Taiwan en Maleisië geproduceerd worden. Natuurlijk hebben grote fabrikanten als JA Solar gretig van deze uitzondering gebruik gemaakt, door in landen buiten China nu fabrieken neer te zetten.

Dunne filmpaneel fabrikant Solar Frontier treedt terug

Solar Frontier2Solar Frontier stopt met de levering naar Europa. Dit is één van de gevolgen van de scherpe prijsdalingen in het derde en vierde kwartaal van 2016 bij kristallijne zonnepanelen. Solar Frontier kan – op de wereldmarkt – de concurrentie met kristallijne panelen niet meer aan, en gaat zich dan nu ook volledig op de thuismarkt focussen in Japan. Na TSMC is dit nu de laatste grote dunnefilm techniek fabrikant die terug treedt uit de Europese markt.

Uiteraard is dit een teleurstelling, want dit paneel was unaniem het beste op gebied van rendement en had ook veruit het meest duurzame karakter, daar er niet of nauwelijks afvalstoffen vrij kwamen bij de productie. Het gat van Solar Frontier zal gevuld moeten worden met merken als Stion of Solibro-Hanergy, de dunne filmtechniek panelen waar Ikea mee installeert. De vraag is echter of deze andere dunne filmtechniek paneel producenten niet de gelijke route zullen opgaan, als de altijd onomstreden Solar Frontier.

In ons optiek bij Triplesol, zouden we ons diep moeten schamen in Nederland dat het zo ver heeft kunnen komen. Kapitalisme zou de beste producten tegen de beste prijs een impuls moeten geven op de markt. Het is klaar als een klontje dat Solar Frontier aan die kenmerken voldeed. Schijnbaar werkt het systeem, zoals wij die nu hebben, dus niet goed.

Open brief klimaattop

trump

Ik had het genoegen deel te mogen nemen aan de Nationale Klimaattop van 2016. Als kleine duurzame ondernemer voelde ik me wel een beetje een vis op het droge, tussen al die ambtenaren en bestuurders van multinationals, maar het was een verfrissende ervaring.

Ik hoop een deel van mijn visie met jullie te kunnen delen, omdat ik zeker weet dat jullie voelsprieten korter zijn dan de mijne: ik praat elke dag met mensen uit alle lagen van de samenleving en dat doe ik nu drie jaar. Drie jaar is geen lange tijd, maar het is lang genoeg om te weten wat ik weet.

Ik verkoop zonnepanelen, en dat is geen gemakkelijke business: ik zal u de details besparen. Het heeft mijn ogen geopend voor hoe Nederlanders echt tegen duurzaam aankijken. Ik kan dit niet staven met cijfers, maar u moet mijn woorden maar wegen als een getuigenis.

Het aanschaffen van zonnepanelen is bij uitstek een kans om iets voor het milieu te doen en iets te besparen in financieel opzicht. Ik durf met enige zekerheid te zeggen dat slechts een zeer klein aantal mensen het milieu perspectief laat meespelen. 95/100 laat de aanschaf van zonnepanelen puur afhangen van het kostenplaatje en de terugverdientijd.

Van de mensen die bij ons binnenkomt, maakt ongeveer 66% een keuze of ze wel of niet zonnepanelen nemen. Wij prijzen ons gelukkig, want bij 25% van de mensen die kiezen, trekken wij aan het langste eind. Het restant – 75% van de mensen die kiezen – bestaat voor 50% uit mensen die een andere partij kiezen, en 50% die er helemaal vanaf ziet. 33% van de mensen die bij ons binnenkomt, hakt de knoop niet door en stelt uit tot een punt voorbij de horizon. Soms zijn daar legitieme redenen voor, maar meestal is het gewoon omdat er geen druk is om te handelen. Er komt toch wel stroom uit het stopcontact, en die stroom lijkt zelfs alleen maar goedkoper te worden.

Als we Nederland kunnen opdelen in cohorten, dan is de cohort dat “wel eens belangstelling in zonnepanelen heeft getoond” de meest waarschijnlijke demografische groep om zonnepanelen aan te schaffen. Wat schrikbarend is, is hoe klein die groep eigenlijk is en hoe groot de uitval voor een product dat al erg goed betaalbaar en het milieu aantoonbaar ontlast, blijft.

Ik weet 100% zeker dat de zonnepanelen business heel makkelijk is vergeleken met andere duurzame producten die het milieu veel meer ontzien, zoals thermische oplossingen. De aanschaf hiervan is peper duur; waarom zou je als gas zo goedkoop is?

Ik ben geen politicus en ik bekleed geen bestuurlijke functie dus ik hoef geen blad voor de mond te nemen: de mensen waar ik mee in aanraking kom, zijn gefixeerd op short term gains en willen weten what’s in it for me. Je krijgt hen niet in beweging met smeltende gletsjers, want ze wenden hun hoofd af en dromen over een nieuwe auto.

Zoals een vriend van me laatst wijs opmerkte is het belangrijkste probleem met klimaatverandering dat mensen maar langzaam hun gedrag aanpassen terwijl klimaat verandering juist heel snel gaat. Wij willen in 2035 energie neutraal zijn en van gas af. Hoe moet dat lukken als we het land niet in beweging kunnen krijgen om door die zure appel heen te bijten?

We hebben een regering nodig die een harde lijn voert. Daar horen in 1) carbon taks op nutsvoorzieningen; 2) hoge mobiliteitsaccijnzen op voertuigen die lopen op fossiele brandstoffen en uitfasering van de verkoop van benzine en diesel auto’s; 3) een veel strengere aanpak van vervuiling in de luchtvaart; 4) niet-duurzame voedingsmiddelen taks; 5) en bebossingsprojecten op plekken waar het uitmaakt. Hier kunnen stimuleringsmaatregelen tegenover staan die worden betaald uit de verworven belastinggelden, of het geld kan gebruikt worden om andere gaten in de begroting te dichten.

Ik denk dat de genoemde maatregelen zullen leiden tot verontwaardiging en verzet. Het zal politiek’ moeilijk te verkopen zijn. We hebben zelfverzekerde politici nodig die het aandurven Nederland tot een hoger plan te tillen of we zullen onze doelstellingen nooit bereiken.

Het effect van de maatregelen zal mogelijk andere gewenste gevolgen hebben zoals de-urbanisatie en verbeterde openbaar transport. De woonkosten voor het wonen in steden zullen namelijk sterk toenemen omdat huishoudens die bijvoorbeeld geen dak hebben voor zonnepanelen of tuin waar een warmtepomp in kan, al hun stroom van het net moeten afnemen. Dit ontspant de woningmarkt in steden waar we de laatste paar jaar een bubbel hebben gezien.  Mensen zullen sneller kiezen voor zonnepanelen, zonnecollectoren, dubbelglas en andere duurzame woonkeuzes omdat het leven anders onbetaalbaar wordt.

Vorige week zijn we opgeschikt door de verkiezingen in de VS. Als deze president doet wat hij zegt, dan lopen we risico al het harde werk op gebied van klimaatafspraken ongedaan te maken en de aarde wederom blijvend letsel toe te brengen. De boodschap uit de VS is duidelijk: Jan met de pet kunnen we niet vertrouwen de juiste beslissingen te nemen. We hebben een overheid nodig die bestaat uit onze beste mensen die werken met visie op de toekomst. Aan hen een oproep: kies de juiste weg en ga hier niet vanaf. Wij hebben goed leiderschap nodig, en wel nu.

Mvg,

Stefan, Triplesol zonnepanelen.

 

 

 

 

 

 

Succes Nationale Klimaattop 2016 allerminst zeker

nationale-klimaattop

Volgende week woensdag staat de Nationale Klimaattop op de agenda in de Van Nelle fabriek in Rotterdam. De Klimaattop komt op een belangrijk moment. De ratificatie van het Verdrag van Parijs is op handen en treedt vervroegd in werking. Daarnaast besloot de rechtbank in de klimaatzaak die werd aangespannen door duurzaamheidsorganisatie Urgenda afgelopen juni, dat de staat meer moest doen om CO2-uitstoot in Nederland te reduceren. Het kabinet zou nu op koers liggen voor een CO2-reductie van 17% vóór 2020, maar de rechter stelde dat dit tenminste 25% zou moeten zijn. Of met een reductie van 25% ook de doelstellingen van het Verdrag van Parijs worden gehaald, is hoogst onwaarschijnlijk.

Wat de National Klimaattop kenmerkt is de grote toestroom van bewindspersonen uit de publieke en commerciële sector die niet bijzonder gebaat zijn bij een versnelde afbouw van nationale afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. Minister-President Rutte schuift aan en de staatssecretaris van infrastructuur en milieu Dijkstra ook, maar zijn dit nu de juiste mensen om het milieubeleid in Nederland naar een hoger plan te tillen? Het Kabinet besloot immers om de uitspraak van juni in de klimaatzaak aan te vechten. Aan tafel zitten weliswaar Greenpeace en Sungevity, maar vooral die eerste is in de afgelopen jaren een beetje een apologist geworden voor de gevestigde orde.

Een Nationale Klimaattop zou veel meer gebaat zijn bij stemmen uit het veld die af willen stevenen op een omwenteling. Veranderingen in politiek gaan traag maar gestaag. Daar hebben we nu juist geen tijd voor. We hebben concrete maatregelen nodig waar burgers in het land enthousiast van worden: de wortel en niet de stok. Een nieuwbouwwoning zou standaard klimaatneutraal moeten zijn; maar waarom wekken ze niet ook duurzaam energie op voor de woningen die dat niet kunnen zijn? Het is leuk dat Schiphol de luchtvaart hub van Europa is, maar al die extra uitstoot van broeikasgassen door die oude budgetvlucht vliegtuigen verzieken ons milieu. Laten we eens goed kijken of we wat spanning kunnen uitoefenen op de prijselasticiteit met een take off tax.

Dit soort maatregelen vergen visie, maar dit is juist een woord waar ons Kabinet en met name onze premier wars van is. We moeten hopen dat belanghebbenden op de Top de bovengenoemde bewindslieden de vuur aan de schenen leggen. Shell en Schiphol zullen een omwenteling niet versneld door willen zetten, maar het zal een stuk makkelijker gaan als ze meewerken dan als ze de beweging tegen werken.

Europees Parlement bekrachtigt Global Climate Deal Parijs

parijsabkommen

Jean-Claude Juncker daagde in zijn State of the Union toespraak van 14 september de EU al een beetje uit: de EU is te veel talk en no action. Maar nu is de kogel toch door de kerk: het Europees Parlement heeft de ratificatie door de 28-natie tellende Europese Unie bekrachtigd. De mondiale klimaat deal, het meest ingrijpende akkoord ooit op gebied van klimaat, is een gigantische stap dichter bij realisatie.

Vandaag stemde het Europees Parlement tijdens een plenaire vergadering in Straatsburg, maar dat leek eigenlijk niet meer dan een formaliteit. De weg was al door de milieu ministers van de lidstaten vorige week geprepareerd. De EU wil de bekrachtiging van het ondertekeningsdocument deze week bij de Verenigde Naties deponeren, waarmee het enactment criteria van het Verdrag is voldaan. Hierdoor wordt de overeenkomst van Parijs wellicht 30 dagen later van kracht. Dit jaar begint de VN klimaatveranderingconferentie op 7 november in Marokko. Hopelijk kan daar dan het startschot gegeven worden voor het inwerkingtreden van het Verdrag.

De EU stond onder toenemende druk om het Verdrag te bekrachtigen nadat de Amerikaanse president Barack Obama en de Chinese president Xi Jinping hen op 3 september voorgingen. Op 2 oktober stemde ook India in met de overeenkomst. Het aantal landen dat de handtekening zette staat nu op 62. Hiermee zijn staten verantwoordelijk voor 51,89 procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgas ontladingen opgestaan, en is het minimum vereiste van 55% dat nodig is om het Verdrag in werking te laten treden overschreden. Ban Ki-moon reageerde “Met de actie van het Europees Parlement, ik ben ervan overtuigd dat we in staat zijn om de 55 procent drempel zeer binnenkort, in slechts een kwestie van een paar dagen, te behalen.”

Met de huidige goedkeuring door het Europees Parlement kan de Raad formeel het besluit accorderen. Tegelijkertijd zullen de EU-lidstaten de Overeenkomst van Parijs individueel moeten bekrachtigen, in overeenstemming met hun nationale parlementaire processen.

Weer een Prinsjesdag zonder nieuws over de salderingswetgeving

prinsjesdag

1000’en wijze Nederlanders hebben ervoor gekozen om de kat uit de boom te kijken met zonnepanelen. In 2017 zal er gekeken worden naar hoe zo’n nieuwe salderingswetgeving eruit moet komen te zien. Daarover is met geen woord gerept op Prinsjesdag, terwijl het wel de gemoederen bezighoudt.

In feite dwingt de salderingswetgeving elektriciteitsbedrijven altijd tegen hetzelfde tarief stroom aan te bieden als af te nemen van zonnepanelenbezitters. Het is daardoor mogelijk voor een huishouden met zonnepanelen quitte te draaien, als ze net zoveel stroom produceren als ze verbruiken. Maar als elektriciteitsmaatschappijen tegen een hoger tarief gaan leveren en een lager tarief zonnestroom vergoeden, dan komt de terugverdientijd van een zonnepaneelinstallatie onder druk te staan. Een terugverdientijd van bijvoorbeeld 9 jaar zal het voor de spaarzame burger een stuk minder interessant maken om zijn geld te investeren in zonnepanelen in plaats van het bijvoorbeeld gewoon op de bank te laten staan; ook tegen dit historisch lage rente tarief. Daar kan er namelijk in ieder geval niets mee gebeuren, en iets wat op een dak ligt, blijft natuurlijk kwetsbaar.

Echter, dit scenario lijkt nu verder weg dan ooit. Dit komt omdat Nederland het Verdrag van Parijs ondertekent heeft en in het kader van de EU bepaalde harde afspraken heeft gemaakt die alleen behaald kunnen worden in een klimaat waarbij het nemen van zonnepanelen gestimuleerd wordt, ook ten koste van de gevestigde belangen. Linksom of rechtsom, er moet vaart komen in de energietransitie. Met 40.000 Nederlandse zonnepaneelhuishoudens en de aanstaande verkiezingen in maart, zullen er heus wel vragen komen over hoe een partij aankijkt tegen wetswijzigingen op dit gebied. Het zal partijen dwingen om zich uit te spreken en wellicht iets te doen met de wensen van kiezers, waarbij het onderwerp duurzame energie erg populair is.

Met de huidige terugverdientijd van 6-7 jaar zullen aspirant zonnepaneelbezitters zich nu sneller afvragen of het investeren in zonnepanelen nog wel de juiste bestemming is voor hun spaarcentjes op de bank. Maar laten we niet vergeten dat we niet alleen zonnepanelen nemen om er geld mee te verdienen, maar ook om iets nuttigs voor het milieu te doen. De energietransitie kan niet alleen vanuit de overheid komen – daar heeft elke individu een rol in te spelen, als zij dat kunnen. De wereld verwarmt in rap tempo en zonder te handelen staat Nederland straks grotendeels onder water. Daar moeten we het niet op aan laten komen, en die keuze, begint bij onszelf.

Wederom aanleiding tot enthousiasme over Parijse Akkoorden

Grafiek

Voor zaterdag hadden slechts 24 landen – verantwoordelijk voor slechts 1% van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen – het Klimaatverdrag van Parijs geratificeerd. Maar dit weekend op de G20 wisten deze dappere early adapters zich in goed gezelschap. Daar sloot de Verenigde Staten zich aan bij China om het verdrag van Parijs formeel te bekrachtigen. De twee grootste economieën ter wereld hebben daarmee een proces in gang gezet dat moet helpen om het pact voor het einde van het jaar rond te hebben. VS President Barack Obama en de Chinese president Xi Jinping overhandigden ceremonieel de overeenkomst aan VN secretaris-generaal Ban Ki-moon die eveneens in China aanwezig was. Obama’s senior advisor Brian Deese zei dat de gezamenlijke verklaring andere deelnemers aan het Klimaatverdrag moet aansporen tot ratificatie. Deze maand wordt van een aantal grote landen verwacht dat ze de ratificatie aankondigen, waaronder Brazilië, de 7de grootste uitstoter ter wereld. India is ook klaar om dit jaar de overeenkomst te sluiten, zei Deese.

Veel eerder dan mensen een jaar geleden hadden verwacht, is daar dan toch gevolg gegeven aan het grootse gebaar van de 180 landen in Parijs. Hieraan wordt toegevoegd dat Obama en Xi vastbesloten zijn om samen te werken aan twee andere wereldwijde milieu-overeenkomsten dit jaar – een wijziging van het Protocol van Montreal om geleidelijk de productie van air-conditioning koelmiddelen te beperken en een op marktwerking gebaseerde maatregel om de koolstofuitstoot van de luchtvaart in te dammen.

Het signaal van de twee grote vervuilers om deze stap samen te nemen, terwijl de relatie op veel andere vlakken zo moeizaam verloopt, is op z’n minst opmerkelijk te noemen. Nog geen paar jaar geleden probeerden klimaatapostelen de VS en China tegen wil en dank te betrekken in mondiale klimaatafspraken, en nu behoren deze twee landen samen tot de voorvechters voor dit verdrag. Dat is een belangrijke verschuiving in de dynamiek en belooft veel goed voor de toekomst. Constructieve vriendschap tussen deze twee landen, daar is de wereld immers veel meer bij gebaat dan isolationistische achterdochtigheid – ook op andere vlakken dan het klimaat.

Ratificeer zo snel mogelijk het Verdrag van Parijs om betere investeringen aan te trekken, wordt G20-landen verteld

klimaattop

De overeenkomst van Parijs werd beklonken in december vorig jaar aan de COP21. Doel van deze klimaattop was de mondiale temperatuurstijging onder 2 C° te houden vóór 2050. Vooruitlopend op een G20-bijeenkomst in september heeft een consortium van 130 mondiale instellingen die $ 13 biljoen investeringen beheren onderstreept dat naties die de Overeenkomst van Parijs bekrachtigen eerder zouden kunnen profiteren van investeringen in hernieuwbare industrieën en energietechnologieën, dan landen die dat niet doen.

De brief vraagt ​​leidende naties duidelijke en consistente regels te ontworpen om hernieuwbare-energie en energie-efficiëntie te stimuleren. G20-landen moeten ook komen met plannen om fossiele brandstoffen uit te faseren met het oog op de overgang naar een koolstofarme economie. “De overeenkomst van Parijs over de klimaatverandering zorgt voor een duidelijk signaal aan beleggers dat de overgang naar een koolstofarme, schone energie-economie onvermijdelijk is en reeds in gang is gezet”, aldus de brief. “Overheden hebben een verantwoordelijkheid om te werken met de particuliere sector en ervoor te zorgen dat deze overgang snel genoeg gebeurt zodat de aanzienlijke investeringen die nodig zijn om de overeenkomst van Parijs doelen te bereiken los komen.”

De Investor Group on Climate Change (STEG) is een van de zes organisaties uit de 130 instellingen die de brief mede ondertekende. Chief executive Emma Herd zei dat snelle actie op gebied van ratificatie van de Overeenkomst investeerders zou helpen klimaatgerelateerde risico’s te beoordelen. “Beleggers vragen bedrijven: vertel ons wat de uitvoering van de Overeenkomst van Parijs betekent voor uw bedrijf, zodat we de risico ten aanzien van de prijs kunnen wegen.” Hieraan voegde ze toe dat de G20-landen “zeer invloedrijke” zijn in het beïnvloeden van beslissingen van beleggers, met name ten aanzien van klimaatverandering.

Als alle G20-landen Parijs bekrachtigen zou dat veel helpen om de volledige uitvoering van de overeengekomen voorwaarden te realiseren. China is op dit moment aan het roer van de G20, en als de leiders elkaar ontmoeten op 4 en 5 september zal er naar verwachting een sterke focus op klimaat-gerelateerde onderwerpen zijn. In 2017 zal Duitsland het leiderschap van de G20 op zich nemen en het consortium zal dan ook een beroep op dit land doen om de focus op de problematiek van klimaatverandering op te schroeven.